Noordenveld koppelt toegankelijkheid aan Global Goals

Als eerste gemeente in Nederland verbindt Noordenveld haar onlangs gepresenteerde Lokale Inclusie Agenda met de Global Goals, de duurzame ontwikkelingsdoelen van de VN. Wethouder Zorg en Welzijn en Duurzaamheid Kirsten Ipema legt uit. ‘Ongelijkheid gaat ook over of iedereen kan meedoen.’

Ook al is Noordenveld officieel geen Global Goals-gemeente, de VN-doelen sluiten goed aan op het beleid van de Drentse gemeente, waaronder meerdere dorpen vallen, zoals Veenhuizen en Roden. Zo wil Noordenveld over twintig jaar helemaal klimaatneutraal zijn, en is een duurzame toekomst een van de speerpunten. “Op de achtergrond nemen we wel al een tijdje de Global Goals mee in al ons werk”, vertelt Ipema. “Het gaat om doelen die voor elke gemeente belangrijk zijn, zoals armoede en duurzaamheid. Het was dan ook niet meer dan logisch om dat ook mee te nemen bij het opstellen van de Lokale Inclusie Agenda.”

Inclusie is ook ongelijkheid verminderen in de gemeente.

Koppeling met Global Goals

Tijdens de Week van de Toegankelijkheid in oktober presenteerde Ipema de agenda, en ondertekende ze het Manifest Iedereen Doet Mee. De duidelijke koppeling die Noordenveld heeft gelegd tussen de Global Goals en het VN-Verdrag Handicap kreeg daarbij veel aandacht.

“Dat dit zo bijzonder was, hadden we helemaal niet door”, vertelt Ipema. “Toen we met de Lokale Inclusie Agenda aan de slag gingen, merkten we dat we vooral bezig waren met een van de Global Goals: het verminderen van ongelijkheid. Daar hebben we de Agenda dan ook voor opgezet. Of je nu jong of oud bent, wie je ook bent en waar je ook vandaan komt. Iedereen doet mee. Met de Agenda willen we ongelijkheid verminderen in onze gemeente.”

De Global Goals en het VN-Verdrag versterken elkaar dan ook, stelt de wethouder. “Veel gemeenten gebruiken de Global Goals specifiek als basis voor hun beleid. Dan komen ze ook automatisch terecht in het domein van het verdrag: het toegankelijker maken voor iedereen. Het VN-Verdrag zelf is misschien niet zo sexy, maar wanneer je het vertaalt naar ongelijkheid verminderen of iedereen doet mee, dan klinkt het al veel beter. Je moet het aansprekend maken, er reclame voor maken, als je iets wilt bereiken op dit vlak. De Global Goals zijn dus een mooie opstap en dus goed te koppelen aan het Verdrag. Het heeft allemaal met elkaar te maken. Als mensen door een beperking niet kunnen meedoen, dat leidt tot schaamte en ongelijkheid en misschien zelfs tot armoede. Het was dus niet meer dan logisch om ze bij de Lokale Inclusie Agenda te betrekken.”

Lees het hele artikel op Iedereen Doet Mee van de VNG.

Inclusieve samenleving als rode draad in Hoeksche Waard

Onze samenleving gaat er vooral vanuit dat een beperking een medisch en persoonlijk probleem is. Het lijkt er op dat die moet worden hersteld of genezen of dat mensen met een beperking zich moeten aanpassen zodat ze kunnen meedoen aan de samenleving. Wat nu als we de samenleving zo inrichten dat dit niet meer nodig is, zodat iedereen kan meedoen. In de gemeente Hoeksche Waard krijgt dit sociale model steeds meer voeten aan de grond.

Dat is onder meer te danken aan het feit dat de gemeente een wethouder heeft aangesteld, speciaal om mensen met een beperking te ondersteunen. Onder leiding van wethouder Joanne Blaak-van de Lagemaat werkt Hoeksche Waard aan een inclusievere samenleving. “Die samenleving staat ervoor dat ieder mens ertoe doet en van waarde is, en zo volledig mogelijk kan meedoen”, licht ze toe.

wethouders Paul Bogaard en Joanne Blaak-van de Lagemaat. Foto: Esther Janssen.

“Helaas spreken we nu nog heel erg in doelgroepen. Dat zit nog erg in onze taal. Daar willen we verandering in brengen. Nu bedenken wij wat er nodig is voor die ander. Dat is vaak stigmatiserend. Ik heb jarenlang gewerkt bij het Leger des Heils en daar gezien wat het met je doet als je anders bent dan gemiddeld, en wat sociale uitsluiting met je doet. De samenleving is divers, en iedereen heeft zijn eigen rol te spelen.”

Haar portefeuille moet als een rode draad gaan lopen door alle portefeuilles heen. “Een inclusieve samenleving, dat zijn wij 87.000 inwoners allemaal. Wij horen allemaal bij de Hoeksche Waardse samenleving. Bovendien vind je voor het probleem in de ene sector, het antwoord in een andere sector. Oplossingen liggen vaak in het gewone leven.”

Onbewust bekwaam

Nog weinig gemeenten in ons land hebben net als Hoeksche Waard een wethouder met zo’n portefeuille. Toch zou collega-wethouder Paul Bogaard, van economie, sport en werkgelegenheid, het liever nog anders zien. “De ernst van de zaak zie je eigenlijk al terug in het feit dat we een portefeuille inclusieve samenleving hebben. We moeten er dus met zijn allen nog over nadenken, het is nog geen vanzelfsprekendheid. Hoe groot wordt een pictogram op een verkeersbord? Dan pakken we het gemiddelde mens. Hoe hoog moet het knopje komen in de lift? Dan pakken we de gemiddelde hoogte.

Mijn droomwens is dat de inclusieve samenleving geen portefeuille is, maar een manier van werken wordt, een manier van denken. Op die manier zijn we op een gegeven moment met zijn allen onbewust bekwaam op het gebied van inclusie. Alles moet voor iedereen bereikbaar zijn. Er moeten geen drempels opgeworpen zijn, letterlijk en figuurlijk. Je gaat uit van de eigen keuze van de mens. Maar die moet die keuze wel hebben. Die inclusiegedachte zit echter nog niet in ons dna. Daarom hebben we de portefeuille ingesteld.”

Zelf leerde Bogaard de nieuwe denkwijze op een cursus van Xandra Koster bij Niets Over Ons Zonder Ons. “Dat was echt voor mij een eyeopener. Ik dacht zelf tot voor kort ook nog vanuit dat medische model. Xandra heeft me echt geïnspireerd. Bewustwording is volgens mij de belangrijkste sleutel voor iedereen. Het is echt daarom voor ons andere portefeuillehouders nodig om hier extra aandacht voor te krijgen zodat we Joanne kunnen steunen dit te realiseren. Samen moeten we onbewust bekwaam worden.”

Leeuwarden als één campus, de regio als proeftuin

Van Innovatielab Thialf, Data Lab Fryslan tot het Fries Klimaatlab. Er zijn in de provincie Friesland zo’n honderd Living Labs actief. Onder het motto ‘De stad als campus, de regio als proeftuin’ werkt de City Deal zowel bestuurlijk als operationeel aan de versterking van deze labs. Hoe dat eruit ziet, vertellen Roland Kuipers van hogeschool NHL Stenden en Corrie Ponne van de gemeente.

Vorig jaar hebben we Erica Schaper en Friso Douwstra geïnterviewd over de stand van zaken rond de City Deal in Leeuwarden. Ze kondigden aan dat er een lerend ecosysteem zou worden opgezet van alle living labs in de regio. Hoe staat het daarmee?

Corrie Ponne.

Ponne: “We hebben het afgelopen jaar hard gewerkt om de interactieve kaart Friesecosysteem.frl te maken. We zijn erg tevreden met het resultaat. Het is een verzameling van honderd living labs die we hebben gevonden in de provincie Friesland, en hebben verdeeld over tien categorieën. Met de kaart laten we zien wat er speelt en nodigen we andere partijen uit om aan te haken. Kom elkaar versterken, in plaats van nieuwe initiatieven op te zetten.”

Roland Jan Kuipers.

Er zijn dus honderd living labs in de provincie? Is Friesland de meest succesvolle provincie als het gaat om deze samenwerkingsvorm?
Kuipers: “Daar durf ik geen stelling over te nemen, maar we hebben er aardig wat inderdaad. Met deze City Deal hebben we dan ook gekozen om ons niet alleen op de stad Leeuwarden te richten, maar ook op het platteland. “De stad als campus, de regio als proeftuin’, is ons motto. Het bijzondere aan Leeuwarden is dat het altijd al een nauwe band heeft gehad met het ommeland. Wel zitten alle kennisinstellingen in de stad. Daarom vind je hier ook campussen als de Kenniscampus, Water Campus, de Dairy Campus en de Energie Campus.”

Ponne: “Omdat die vier campussen met elkaar verbonden zijn, zien we Leeuwarden als één grote campus. Ze zijn daarnaast gekoppeld in projecten in de regio, in de proeftuin. Hier worden resultaten gedeeld, bepaalde technieken uitgeprobeerd, nieuwe vormen van productie getest. Het is een real-life ervaring omdat het bij en samen met ondernemers gebeurt.”

Kun je concrete voorbeelden geven van succesvolle projecten?
Ponne: “Het Circulair Kwartier is een initiatief van NHL Stenden en FutureProof Retail, in samenwerking met de gemeente Leeuwarden en het Leeuwarder Ondernemersfonds (LOF). Sinds september werken elf studenten van de opleiding Ondernemerschap & Retail Management samen met winkeliers in de Nieuwe Oosterstraat in de binnenstad aan vragen waarmee ondernemers. Denk aan energievoorziening, afvalbehandeling en gezamenlijke inkoop. De studenten doen veldonderzoek om praktische oplossingen te ontwikkelen op individueel niveau en voor de winkelstraat als groter geheel. Doel: de Oosterstraat moet de meest duurzame straat van Friesland worden.”

Kuipers: “Een ander mooi project is het Toerisme Collectief Friesland. Dit is een samenwerking met NHL Stenden, Friesland College en ROC Friese Poort. Samenwerking om Friesland beter op de kaart te zetten. Hoe kunnen we de gastvrijheid economie beter laten leven, zowel financieel als door klanten aan zich te binden? In de praktijk denken studenten mee met de ondernemers.
Ponne: “Een derde project is het project Circulaire Inkoop. Met een vrij grote groep, waarbij alle drie O’s zijn betrokken, kijken we hoe inkoop anders kan worden georganiseerd. De gemeente wil daarbij optreden als launching customer. Een voorbeeld is een startup dat van oude gebruikte materialen sleeves maakt voor laptops. Als gemeente hebben we voor elke ambtenaar zo’n sleeve aangeschaft. Zo help je een start-up met de nodige eerste investeringen.”

Lees het hele interview op Agenda Stad.