Sinds twee weken heeft Leidsche Rijn een nieuwe wijkwethouder. Victor Everhardt neemt het stokje over van Harrie Bosch. Vanaf januari luistert hij elke twee weken in de wijk naar wat er speelt. ‘Ik zie hier enorm veel energie om dingen aan te pakken.’

Wethouder Victor Everhardt. Foto: Gemeente Utrecht.

Wethouder Victor Everhardt. Foto: Gemeente Utrecht.

“Niet vanuit de ivoren toren, maar zelf kijken wat werkt” 

Everhardt woont sinds 1987 in Utrecht toen hij als student hier kwam wonen. Hij studeerde rechten en geschiedenis en woonde op verschillende plekken in de stad. Net als veel studenten bleef hij er hangen, en woont hij er nu met gezin. Bij de politiek werd hij in begin jaren negentig betrokken, via zijn partij D66. Vorig jaar kwam D66 aan de onderhandelingstafel te zitten bij de verkiezingen en werd hij wethouder Volksgezondheid, Welzijn/Wmo, Stationsgebied en Diversiteit.

En nu dus wijkwethouder Leidsche Rijn.
“Ja. Tot voor kort was ik wijkwethouder Zuid-West, zeg maar Kanaleneiland, Rivierenwijk en Transwijk. Als wijkwethouder ben je een belangrijke schakel tussen de wijk en mijn collega bestuurders. Je bent als het ware de ogen en oren van de wijk. En dat past bij mij.”

Hoe bedoelt u?
“Ik heb hiervoor gewerkt als voorzitter van het Centrum Jeugd bij het Trimbos Instituut hier in Utrecht. Ik was bezig met onderwerpen als preventie, zorg, alcohol bij jongeren en deed onderzoek. Het is altijd mijn drive geweest om iets goed onderbouwd te krijgen en te weten hoe iets werkt. Ik wil dat niet vanuit een ivoren toren bekijken, maar zelf zien hoe het werkt in de praktijk. En of iets ook echt werkt.”

En doet u dat ook als wijkwethouder?
“Als wijkwethouder houd ik spreekuur, waar ik veel hoor en zie. Er komen heel veel mensen langs. Als wijkwethouder ben je verantwoordelijk om signalen mee te nemen door alle bestuurslagen heen. Ik zorg ervoor dat het op de tafels komt te liggen bij de mensen die er over gaan. Gaat het om een probleem met verkeer bijvoorbeeld, dan zorg ik ervoor dat het bij mijn collega-bestuurder terecht komt die daar over gaat. Natuurlijk is het niet zo dat ik meteen alle zaken overneem. Belangrijk is dat mensen dingen bij mij komen aankaarten, dat ik als wijkwethouder die dingen in de vingertoppen krijg, en dat ik zichtbaar ben in de wijk. Dat is een wezenlijk onderdeel. Je doet je werk voor de stad, en die wordt weer gemaakt door de inwoners. Als wijkwethouder moet je dus weten wat er speelt in een wijk.”

Hoe goed kent u uw nieuwe wijk? Dat is heel wat anders als bijvoorbeeld Kanaleneiland?
“Leidsche Rijn is qua structuur en dynamiek inderdaad heel anders dan Kanaleneiland. Alles is nieuw en er wonen heel veel jonge gezinnen met kinderen. Ik ben nu nog vooral bekend met de meer bekende delen. Ik krijg natuurlijk veel dingen mee die in mijn eigen portefeuille zitten. Ik vind het bijvoorbeeld mooi hoe de clustering van gezondheidsdiensten hier in de wijk in gezondheidscentra zijn opgezet. Die zijn een inspiratiebron voor anderen. Ik heb laatst nog een rondje door de wijk gemaakt met een delegatie uit Kopenhagen om dat te laten zien. Er gebeurt enorm veel in Leidsche Rijn. Het hostel, het centrum, het ziekenhuis dat er komt en natuurlijk wordt er nog steeds veel gebouwd. Maar ook vanuit mijn portefeuille diversiteit krijg ik dingen mee. Het is jammer dat Leidsche Rijn de laatste tijd vooral met de scherpe randen in de media is geweest.  Ook zie je dat veel mensen in de stad een stellige mening hebben over de Vinexwijken in het algemeen, ondanks het woongenot wat je hier hebt. Er bestaat al een soort scheiding tussen Oost en West in Utrecht. Datzelfde sentiment zie je nu ook tussen stad en vinex. Ik raad iedereen aan om eens hier te gaan kijken. Er zijn heel veel mooie dingen neergezet. Er is heel veel dynamiek.”

Hoe zou u die dynamiek omschrijven?
“Onder de mensen hier heerst een grote saamhorigheid. Je hebt hier natuurlijk een constante verandering van leefomgeving, of in ieder geval gehad. Er wonen veel jonge gezinnen met kinderen. Natuurlijk staan er ook nog vragen open. Zijn er genoeg voorzieningen? Is er genoeg te doen voor jongeren?”

Zijn dat aandachtspunten voor u als wijkwethouder?
“Eigenlijk heb ik geen vooropgezet beeld. Ik wil vooral voelen en horen wat er speelt, het meemaken en proeven.. Natuurlijk zijn thema’s als voorzieningen, de komst van het Leidsche Rijn Centrum onvermijdelijk. Ook grootstedelijke vraagstukken horen er nu eenmaal bij. Ik zie in ieder geval hier in de wijk heel veel energie om dingen aan te pakken. Mensen zitten niet stil tot de gemeente iets voor ze doet, maar pakken dingen zelf op.”

U gaat dus een spreekuur houden in de wijk?
“Ja. Vanaf 17 januari 2012 twee keer in de maand op dinsdagmiddag van vijf tot zes in het Informatiecentrum Leidsche Rijn aan de Verlengde Vleutenseweg. Iedereen kan binnenlopen.”

Wat krijgt u zo allemaal te horen?
“De meest prachtige onderwerpen, maar natuurlijk ook geregeld klachten. Mensen komen soms alleen hun hart luchten. In Kanaleneiland kwamen twee oudere dames en een heer boos bij mij omdat er een voetbalkooi voor hun flat werd gebouwd. Maar hier wonen helemaal geen kinderen, zeiden ze. Alles was keurig via een inspraakprocedure gegaan, maar was inmiddels achterhaald. Het besluit stamde nog uit de tijd van burgemeester Opstelten. Dat leidde tot een herziene procedure. Dit soort verhalen daar gaat het om als wijkwethouder. Zo leer je de werkelijkheid kennen achter de papieren en bestemmingsplannen.”

Dit interview is eerder gepubliceerd in een serie bekende mensen uit de wijk voor de krant Ons Leidsche Rijn.