Voordat de onderhandelingen over het Klimaatakkoord van start gingen, had de Provincie Drenthe al torenhoge ambities gesteld. In 2050 wil de noordelijke provincie helemaal energieneutraal zijn. Toch is er ook weerstand, zoals tegen de komst van windmolens op land. Geef mensen daarom een stem in de energietransitie, stelt gedeputeerde Tjisse Stelpstra, die al vier jaar over deze portefeuille gaat in de provincie.

Wat vindt u van het Klimaatakkoord?
“Daar sta ik heel positief in. Ik vind het mooi dat we met zoveel partijen dit tot stand hebben gebracht. Er zit echt iets in van gezamenlijk commitment. Dat is heel bijzonder. Nu is het de kunst om het op zo’n manier tot stand te brengen dat de samenleving er ook iets van kan maken. Ik zie tegelijk namelijk een zorgpunt. Het Klimaatakkoord kent hoge ambities, en die zijn terecht omdat we met een groot probleem zitten, maar je moet oppassen dat je met die ambities niet zó hard gaat lopen dat je mensen niet meekrijgt. Als overheid mag je best aanjagen, maar niet over de hoofden van de mensen. Ik zie veel zorgen bij de mensen, bijvoorbeeld hier in Drenthe. Kunnen we het allemaal wel betalen? Is het allemaal wel haalbaar? Natuurlijk gaan we niet iets beginnen dat niet haalbaar is, maar toch wordt er heel veel aandacht op gevestigd. Ik snap best dat er zorgen zijn. Misschien zijn die wel veroorzaakt door het enthousiasme en de ambities van het Klimaatakkoord: het lijkt alsof het morgen allemaal al af moet zijn.”

Hoe gaat het met het Klimaatakkoord in Drenthe?
“Het Klimaatakkoord sluit aan bij de invulling van de eigen ambities die we als provincie al hadden en vormgegeven hebben in onze Omgevingsvisie. We hebben de ambitie uitgesproken om in 2050 een energieneutrale provincie te zijn. In 2030 willen we 40 procent van de energie zelf duurzaam opwekken. Dat zijn best grote ambities en die hadden we al vastgelegd voordat het Klimaatakkoord er was. We werken gestaag aan deze ambities. Hoe kom je daarmee bij de mensen zelf? Hoe krijg je de grote vraagstukken bij hen? De nadruk hebben we daarom gelegd bij de Expeditie Energieneutraal Wonen. In 2040 moet heel Drenthe wat betreft wonen energieneutraal zijn. We hebben een paar jaar geleden berekend dat we tot dat jaar 10 miljard zullen hebben uitgegeven aan gas en licht. Wat nu als je dat kan uitgeven aan iets wat schoon is?”

Ligt de expeditie op koers?
“Het gaat heel goed. We zijn met 110 partijen om tafel gegaan, zoals woningbouwverenigingen, installatiebedrijven, gemeenten, waterschappen. Met deze netwerkbenadering kijken we hoe we dit tot stand kunnen brengen. We organiseren bijvoorbeeld versnellingssessies waaruit veel actie moet voortkomen. We staan onderaan de berg en we weten nog niet precies welke weg we naar boven moeten nemen om de top te bereiken. Dat zoeken naar de weg is natuurlijk heel erg kenmerken voor de energietransitie. Een voorbeeld is de landelijke energielening, waarvan we vorig jaar in Drenthe de grootste afnemer zijn geweest. Als Provincie subsidiëren wij de rente van die lening. Mensen hoeven dan nog maar 1 procent rente te betalen. Het feit dat er veel gebruik van is gemaakt, betekent dat er steeds meer wordt geïnvesteerd in schone energie. Het zit hem niet per se in hoogdravende technologieën als warmtepompen maar vooral in het plaatsen van dubbelglas  en andere isolatiemaatregelen.”

De energietransitie wekt ook wel weerstand op. In Drenthe was bijvoorbeeld veel boosheid over windmolens op land. Hoe kun je nu zorgen voor meer draagvlak?
“Ik heb vier jaar al deze portefeuille en kan wel stellen dat we nu met zijn allen wel door hebben dat schone energie het beste is. Dat heeft soms consequenties voor het landschap. Dat gaat nu eenmaal veranderen door de energietransitie, we zullen windmolens en zonnepanelen nodig hebben. Wat niet helpt is van boven af besluiten dat op een locatie windmolens worden geplaatst. Zeker niet als de overheid ver af staat, zoals Den Haag. We hebben in Drenthe te veel top-down gewerkt aan windmolens op land, ook de Provincie kan daarover de hand in eigen boezem steken. Weliswaar was het een democratisch besluit geweest maar we hebben de mensen nooit echt goed meegenomen in het gesprek erover. We zouden het nu echt anders doen. Voor mij was die weerstand de aanleiding om de Omgevingsvisie te wijzigen en ervoor te zorgen dat initiatieven van onderaf tot stand kunnen worden gebracht. Participatie is belangrijk. Geef mensen een stem. Het kost misschien meer tijd, maar scheelt een hoop ergernis als je er meer mensen bij betrekt.”

Lees de rest van het artikel verder op de website van de NVDE.