De circulaire economie krijgt steeds meer vorm binnen veel gemeenten. Hoe krijg je mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt daarin mee? Constans Pos begon deze vraag als wethouder in het Gelderse Rheden te onderzoeken. Dankzij een workshop van het Centrum voor Arbeidsmarktinnovatie krijgt dit idee nu concrete vormen. ‘Circulaire economie is een economie van ons allemaal’.

Circulaire economie was één van de portefeuilles die Pos tot en met vorig jaar als wethouder had. Een van de uitdagingen daarbij was om te kijken hoe inwoners meer bij een circulaire economie betrokken kunnen worden en hoe deze mensen zonder werk iets kan opleveren. “De circulaire economie is een economie van ons allemaal, niet van de grote bedrijven en multinationals”, stelt Pos, nog steeds actief in de lokale politiek als gemeenteraadslid voor GroenLinks. “Je kunt het zodanig organiseren dat het werk eerlijker verdeeld wordt.”

Betrek de particuliere omgeving erbij

Op zoek naar de antwoorden bij de pilot kwam hij in contact met onderzoeker Jan Jonker van de Radboud Universiteit die langdurig onderzoek doet naar het circulaire bedrijfsleven. “Hij stelde dat we juist ook de particuliere omgeving erbij moeten betrekken, de inwoners dus”, vertelt Pos. “Dat begint al bij afval scheiden, of je nieuw of tweedehands koopt of je eigen groente verbouwt. Hij was voor mij de inspirator voor de pilots rond circulaire economie. Als je dan ziet hoe de werkloosheid hier toeneemt ondanks dat de economie groeit, dan weet je dat er iets moet gebeuren.”

Rheden en omgeving kent namelijk bovengemiddelde werkloosheidscijfers. Hier, aan de rand van natuurpark Veluwezoom, zijn traditioneel weinig bedrijven gevestigd. Pos: “Van de ongeveer duizend mensen met uitkering wordt ongeveer de helft niet bereikt met arbeidsmarktmaatregelen. Op zoek naar antwoorden om hen erbij te betrekken kwam ik verder in contact met de organisatie Circles oost, waar onder meer werkgeversorganisaties, instituten en overheden met elkaar afspraken maken over circulaire economie.”

Lees het hele interview op de website van het Centrum voor Arbeidsmarktinnovatie.